College 2 en 3: Werkprocessen.
Opdracht 1: Maak in tweetallen (Saskia en ik) een auto die er snel uit ziet met zo veel mogelijk losse onderdelen en met een karakter van klei in 1 of meerdere kleuren.Reflectie:
Bij nabeschouwing van de snelle auto per tweetal ander tweetal beoordeeld op: vorm: waardoor lijkt de auto zo snel? bv. glad/gestroomlijnd, laag bij de grond, waardoor heeft hij karakter en hoeveelheid losse onderdelen. Door middel van beoordelingsmatrix: 1 punt per onderdeel voor: voertuig, snelheid, onderdelen, karakter, flitsend.
De auto van ons had wel iets van karakter en enkele losse onderdelen, maar was niet erg glad en gestroomlijnd.
Opdracht 2: Maak met een ander groepje (dus met z'n vieren: Annemarie en Hanneke) een animatiefilmpje van een monsterrace met de twee auto's. Maak een race met een finish en een strijd of crash. 
Reflectie: Zit er snelheid in het racen? Zie je 3 scenes in het filmpje: start-race-finisch? Gaat de achtergrond voorbij en zie je strijd of is er een duidelijke crash?
Dit was bij ons niet helemaal gelukt, we gingen eerst teveel de auto's verplaatsen, terwijl het veel belangrijker bleek om de achtergrond te verplaatsen om de suggestie van snelheid en afstand te maken.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten